Nederlandse bedrijven hebben in het eerste kwartaal van dit jaar een recordwinst in de boeken gezet. Volgens statistiekbureau CBS maakten alle bedrijven die niet in de financiële sector zitten samen een winst van 81,5 miljard euro. Dat is de grootste winst sinds het begin van de metingen in 1999.

Het CBS benadrukt dat bedrijven in de meetperiode minder coronasteun hebben ontvangen. Toch was zowel de operationele winst als de winst van buitenlandse dochters hoger.

Met name de delfstoffenwinning, de petrochemische industrie en de energiebedrijven boekten meer winst. Dit had ook alles te maken met de gestegen energieprijzen. Verder wisten ook de horeca, de reisbureaus en de luchtvaart hun resultaten op te voeren. Dit had weer te maken met de heropening van de economieën na de coronamaatregelen.

De extra winsten van de bedrijven zorgden er ook voor dat er meer belasting moest worden betaald. Niet-financiële bedrijven waren in het eerste kwartaal 3,2 miljard euro meer kwijt aan belastingen over hun winst in vergelijking met een jaar eerder.

Daarnaast werd er voor 3 miljard euro extra dividend uitgekeerd aan aandeelhouders. Ook namen de investeringen in vaste activa - zoals gebouwen, transportmiddelen, machines en merknamen - met 1,2 miljard euro toe. Tot slot waren bedrijven meer geld kwijt aan de beloning van personeel.