Een eerste lading met babymelkpoeder is zondag per militair vrachtvliegtuig vanuit Europa aangekomen in de Verenigde Staten. De zending is onderdeel van een luchtbrug die de Amerikaanse president Joe Biden heeft geopend om het grote tekort aan babymelkpoeder in zijn land aan te pakken.

De Amerikaanse regering laat de melkpoeder meevliegen op commerciële vliegtuigen die door het leger zijn ingehuurd. "Het omzeilen van reguliere luchtvrachtroutes zal de invoer en distributie van babymelkpoeder versnellen en dienen als een onmiddellijke ondersteuning terwijl fabrikanten de productie blijven opvoeren", aldus het Witte Huis.

Het eerste vliegtuig met ruim 35.000 kilogram babyvoeding aan boord landde zondag in de Amerikaanse stad Indianapolis. Volgens de VS is dat genoeg om ongeveer een half miljoen flessen te vullen.

Veel ouders in de VS grijpen de laatste tijd mis als ze in de winkel zoeken naar babymelkpoeder. Het tekort is onder meer ontstaan na een terugroepactie en sluiting van een fabriek in Michigan van het bedrijf Abbott, de grootste leverancier van babymelkpoeder in de VS. Dat gebeurde na meldingen van bacteriële infecties bij vier baby's. Wereldwijde problemen in de bevoorrading als gevolg van de coronapandemie verergerde het tekort vervolgens.

Abbott-topman Robert Ford bood zondag in een opiniestuk in de Washington Post zijn excuses aan voor het tekort. Hij schrijft dat de Amerikaanse voedselwaakhond FDA geen verband heeft gevonden tussen de zieke kinderen en de babymelkpoeder uit de fabriek in Michigan, maar dat er wel bewijs is gevonden voor de bacteriën in het middel.

Verder beloofde Ford dat de fabriek in de eerste week van juni weer opengaat. Daarna duurt het nog zo'n zes tot acht weken voordat het melkpoeder weer in de winkels ligt.