Spaarders die geen of te laat bezwaar hebben ingediend tegen de onrechtmatige heffing in box 3 hoeven niet gecompenseerd te worden, heeft de Hoge Raad vrijdag bepaald. Eerder oordeelde de rechtbank dat die belasting op een oneerlijke manier wordt berekend. Iedereen die daar bezwaar tegen maakt, zou vergoed moet worden.

Het toenmalige kabinet voerde in 2017 een regeling in waarbij voor de spaartaks in box 3 wordt uitgegaan van een fictief rendement op dat geld. Maar dat rendement was in veel gevallen onrealistisch, waardoor veel mensen te veel belasting betaalden.

Eind december vorig jaar oordeelde de Hoge Raad dat dat in strijd was met het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens. Iedereen die bezwaar maakte, moest volgens de raad gecompenseerd worden.

Vrijdag bepaalde de rechter dat alle andere gedupeerden die geen bezwaar hadden ingediend of dat deden nadat de deadline was verstreken, niet gecompenseerd hoeven te worden.

Het debacle rond de heffing is een fikse tegenvaller voor het kabinet. In het ergste geval loopt de rekening op tot 11,7 miljard euro, volgens berekeningen van staatssecretaris Marnix van Rij (Fiscaliteit). Dat levert, in combinatie met nog een aantal onvoorziene kosten, een lastige begrotingspuzzel op. Volgende maand wordt de zogenoemde voorjaarsnota voorgesteld.