Als de Europese Unie stopt met het importeren van Russische olie, zal de Russische economie grotere schade lijden dan gedacht, terwijl de gevolgen voor de Europese economie juist zullen meevallen. Wel kan het maanden duren voor de effecten zichtbaar worden. Dat zeggen experts tegen NU.nl over de boycot waar in de EU steeds meer stemmen voor opgaan.

EU-landen kopen elke dag voor honderden miljoenen euro's olie en gas uit Rusland. Door de hoge energieprijzen is dat bedrag zelfs gestegen, waardoor Rusland de oorlog langer kan volhouden.

Het Europees Parlement wil die geldstroom stoppen en roept op tot een boycot. Voor een importverbod op gas bestaat onder EU-landen nog te weinig steun, maar een olieboycot hangt in de lucht. Alleen Duitsland en Hongarije zijn nog tegen.

Die lidstaten vrezen voor negatieve economische gevolgen voor Europa zelf. Maar die worden sterk overdreven, zegt hoogleraar internationale economie Sweder van Wijnbergen van de Universiteit van Amsterdam.

Hij is kritisch op een analyse over een mogelijke boycot van het Centraal Planbureau. "Die gebruikte een soort jarenvijftigmodel van input en output: een heel naïeve doorrekening, die de schade voor onze economie gigantisch overschat."

De internationale oliemarkt is flexibel, zegt Van Wijnbergen. Via pijpleidingen en tankers kan de EU ook uit andere landen voldoende olie kopen. "Van een olieboycot zullen we economisch niet veel merken. Een gasboycot is ingewikkelder, maar ook mogelijk."

Rusland kan boycot maar deels omzeilen

Wat als Rusland de olie via achterdeurtjes verkoopt aan bijvoorbeeld China en India? Van Wijnbergen ziet daarin geen probleem, omdat Rusland toenemend chantabel wordt.

"Rusland moet nu al een forse korting rekenen. Ik verwacht dat de prijs die Rusland bij een Europese boycot in Azië nog voor een vat olie kan vangen, zal halveren. Dat betekent een zeer scherpe inkomstendaling voor het Kremlin."

De schade voor Rusland beperkt zich niet tot die prijsdaling, zegt Craig Kennedy, olie-expert van het centrum voor Ruslandstudies van Harvard University. Ook het totale volume van de Russische export neemt sterk af.

"Hoe zou Rusland al die olie naar India en China moeten krijgen? Er bestaat geen pijpleiding naar India en die naar China is al vol. Alle olie die Rusland momenteel aan het Westen verkoopt, zou over enorme afstanden moeten gaan. Rusland zou daarvoor twaalf keer zo veel tankers nodig hebben."

Ook Russische olie-industrie is kwetsbaar

Het Westen kan de effectiviteit bovendien vergroten met 'secundaire sancties', zegt Kennedy. "Die kunnen worden opgelegd aan iedereen die bij omzeilende olietransporten betrokken is: van banken en verzekeraars tot rederijen en grondstoffenhandelaren. De meeste schepen zullen ervan afzien."

Daarnaast verwacht Kennedy forse schade aan de Russische olie-industrie. Bij lagere exportprijzen en een lager exportvolume zal de productie op veel plaatsen stilgelegd moeten worden om verliezen te voorkomen.

"Dat is technisch niet eenvoudig. Die velden afsluiten en lange tijd stilleggen kost veel geld. En Russische ingenieurs vrezen dat ze daarna niet meer winstgevend kunnen worden opgestart."

Boycot is effectiever in combinatie met besparing

Economisch kan een olieboycot dus een effectieve sanctiemaatregel zijn. Maar dat betekent niet dat de oorlog daarmee direct voorbij is, zegt Rem Korteweg van denktank Clingendael. "Rusland kan de oorlog minder lang volhouden als de olie-inkomsten dalen. Maar het kan maanden duren voor de economische effecten maximaal zijn."

"Als we de huidige situatie op het slagveld hadden willen beïnvloeden, hadden we in februari een boycot moeten doorvoeren. Het is een maatregel voor de lange termijn."

Volgens Korteweg is het daarom belangrijk om ook helder te zijn over de nadelen. Zo kan door een boycot de internationale olieprijs stijgen.

Idealiter moeten er daarom ook maatregelen worden genomen om brandstof te besparen, zeggen de experts. Dat leidt tot een directe daling van de uitgaven en kan ook helpen om de olieprijs te drukken. Bovendien is het dan eenvoudiger om via andere routes aan voldoende brandstof te komen. "Uiteindelijk is er olie genoeg", besluit Van Wijnbergen. "Desnoods halen we het uit de VS."