De coronacrisis heeft het chiptekort tijdelijk verergerd, maar dat tekort was er al langer. Dat komt doordat we in steeds meer dingen chips zijn gaan stoppen. En die hoeveelheid dingen, daar heeft iedereen zich in verslikt. Het tekort zal nog wel even aanhouden, zegt Peter Wennink, CEO van chipmachinefabrikant ASML, in gesprek met NU.nl.

"Er zijn nu 40 miljard dingen die via internet met elkaar verbonden zijn. In 2030 zullen dat 350 miljard dingen zijn", zegt Wennink. "Dingen" klinkt vaag, maar het gaat om eenvoudige zaken als Spotify je muziek laten afspelen in de ruimte die je wil. Of een app om je wasmachine te laten starten als je onderweg naar huis bent en meteen de verwarming aan te zetten. Maar ze zitten ook in medisch geavanceerde apparatuur en auto's.

"Iedereen heeft de enorme toename van het aantal toepassingen waarbij chips nodig zijn, onderschat", zegt de topman van het Nederlandse bedrijf, dat is voortgekomen uit Philips. "En de vraag neemt nog steeds in sneltreinvaart toe." Zelfs ASML, een onmisbare schakel in de productie van chips, heeft last van het tekort. Zonder de machines die ASML produceert, kunnen er geen chips gemaakt worden.

Doordat het bedrijf die onmisbare schakel is, bevindt het zich ook in de positie om wat aan het probleem te doen als het bedrijf erdoor geraakt wordt. "Onze machines zitten ook bomvol elektronica. Het overgrote deel daarvan kopen we in", legt Wennink uit. "Als een toeleverancier niet kan leveren omdat hij zonder chips zit, kunnen wij bemiddelen tussen de chipfabrikant en die leverancier, zodat wij ook weer verder kunnen."

Ook ASML heeft last van het chiptekort

Dus ASML zal niet snel helemaal zonder chips zitten. "Het probleem oplossen kost extra tijd en energie, dus het vertraagt het productieproces wel." In die zin heeft ook ASML last van het tekort. "Iedereen heeft daar last van." Net als in eerste instantie bij mondkapjes het geval was, worden chips voornamelijk in Oost-Azië gemaakt.

"Daarin zit wel een zekere overeenkomst", zegt de topman. "In die zin dat je een element om de crisis te bezweren niet helemaal in eigen hand hebt." Europa en de VS hebben wel chipfabrieken, maar die maken hoofdzakelijk chips die geschikt zijn voor al langer bestaande technologieën. De fabrieken voor chips voor nieuwe, ingewikkeldere technologieën staan overwegend in het Verre Oosten.

“Mondkapjes maken is simpel, dat geldt niet voor chips.”
Peter Wennink, CEO ASML

De tekorten spelen over de hele linie. "De wereld komt er nu achter dat we alle soorten chips nodig hebben. Maar mondkapjes maken is simpel, dat geldt niet voor chips. Een nieuwe fabriek vergt een investering van 20 miljard dollar en die staat er ook niet zomaar."

Waar Europa twintig jaar geleden nog goed was voor 20 procent van de chipproductie, is dat nu 8 procent. "Als de markt in 2030 conform de verwachtingen is verdubbeld, is dat nog geen 5 procent en worden we steeds minder relevant."

Alternatieven voor chips zijn er voorlopig nog niet

Zonder chips komen we volgens de ASML-topman niet snel te zitten, mede dankzij zijn bedrijf. "Wij hebben hen nodig, maar zij ons ook." Wennink koestert die 'wederzijdse afhankelijkheid'.

En het relevant zijn. In die zin is het goed nieuws dat ASML een nieuw ei van Columbus uit de hoge hoed heeft getoverd. "Een machine waardoor onze klanten betere en snellere chips kunnen maken. Chips van dezelfde omvang, waar meer op kan."

Wennink vergelijkt de chipcrisis van nu ook wel met de oliecrisis van 1973. Voor olie zijn inmiddels redelijke alternatieven. "Voor chips zijn die er niet. Er wordt wel onderzoek gedaan naar chipachtige technologieën, maar dat is allemaal heel futuristisch. Maar over dertig tot veertig jaar, wie weet."