Twee hoofdverdachten in een grote fraudezaak bij woningcorporatie Vestia moeten 1 en 2,5 jaar de cel in. Volgens de rechter in Den Haag is er meer dan genoeg bewijs dat ze steekpenningen hebben aangenomen en hebben gesjoemeld met offertes. Ze ontvingen het smeergeld van onderhouds- en schoonmaakbedrijven, die vervolgens aantrekkelijke klussen voor de huisvester mochten uitvoeren.

De voormalige vastgoedbeheerder Christiaan B. en medewerker sociaal beheer Mischa W. maakten zich van 2015 tot 2018 schuldig aan het aannemen van smeergeld. Daarnaast waren tal van bedrijven uit de regio Rotterdam betrokken bij het omkopingsschandaal. Ze benadeelden Vestia voor zo'n 2,5 miljoen euro, schatte het Openbaar Ministerie (OM) eerder in.

De rechter veroordeelde B. tot dertig maanden onvoorwaardelijke gevangenisstraf. W. moet een jaar de cel in voor zijn rol in de zwendel. Ook de vader van B. was bij de corruptie betrokken en kreeg vier maanden gevangenisstraf opgelegd.

Enkele bestuurders van de bedrijven die zich aan de omkoping en fraude schuldig maakten, moeten ook maanden de cel in of taakstraffen uitvoeren. Geen van de verdachten werd volledig vrijgesproken.

Verdachten hadden ongebreidelde geldzucht

Volgens de rechter lijken de betrokkenen nauwelijks in te zien dat het fout was wat ze deden. Hierdoor is het moeilijk vast te stellen of de verdachten enig berouw hebben, zei de rechter. Dit terwijl corruptie bij een woningcorporatie het vertrouwen in de publieke sector ernstig schaadt. "De rechtbank stelt vast dat ongebreidelde geldzucht heeft geprevaleerd."

Toch vallen de straffen voor de twee hoofdverdachten lager uit dan het OM had geëist. Maar de rechtbank wijst erop dat met name de tussenpersonen juist hogere straffen hebben gekregen.

Offertes werden opgehoogd

De verdachten vervalsten ook offertes van onderaannemers. Die werden, zonder dat deze bedrijven het wisten, soms met tienduizenden euro's opgehoogd. De oud-medewerkers streken het verschil tussen het originele kostenplaatje en de uiteindelijke offerte op. Betrokken bedrijven factureerden soms ook voor werkzaamheden die nooit werden uitgevoerd. Een voorbeeld is het reinigen van dakgoten, waarop controle moeilijk is.

De voormalige Vestia-medewerkers gingen volgens de rechter "minutieus" te werk. In Excel-sheets stond bijvoorbeeld hoe de opdrachten werden verdeeld onder bedrijven, welke bedragen binnenkwamen en hoe dat geld moest worden verdeeld.