De staatsschuld is iets minder opgelopen dan waar het demissionaire kabinet met Prinsjesdag nog van uitging. Dit komt doordat minder coronasteun is gegeven aan bedrijven, waaronder de horeca, dan in september werd geraamd. Dat staat in de zogenoemde Najaarsnota die dinsdag naar de Tweede Kamer is gestuurd.

Door de nieuwe opleving van het virus zou het zomaar kunnen dat de uitgaven aan steunmaatregelen toch weer oplopen en daardoor ook het begrotingstekort en de staatsschuld. "Enerzijds hebben de uitgaven zich positiever ontwikkeld sinds Prinsjesdag, anderzijds zijn er miljarden beschikbaar gesteld voor een nieuw steunpakket."

Het begrotingstekort komt nu uit op 5,1 procent van het bruto binnenlands product (bbp), waar eerder gedacht werd dat dit 6 procent zou zijn. De staatsschuld bedraagt nu 56,4 procent van het bbp, in plaats van de in september verwachte 57,8 procent.

De uitgaven aan de coronasteun tot en met het derde kwartaal van dit jaar vallen 3,1 miljard euro lager uit dan eerder verwacht. Dit komt doordat bedrijven minder gebruikmaakten van de regelingen, bijvoorbeeld de loonsteun (NOW) en de tegemoetkoming in de vaste lasten (TVL). Wel zijn er miljarden opzijgezet voor steun aan bedrijven die door de nieuwe lockdownregels worden getroffen.

De schatkist kan dit jaar 2,3 miljard euro meer belastinginkomsten verwachten dan eerder gedacht. Dit komt vooral doordat er meer omzetbelasting, vennootschapsbelasting en loonheffing binnenkomt. Daar staat tegenover dat de NAM 1,2 miljard euro minder in het laatje brengt.