Het Openbaar Ministerie (OM) heeft donderdag celstraffen tot vier jaar geëist tegen twee oud-medewerkers van Vestia. De zaak bij de rechtbank in Den Haag draait om corruptie, oplichting, witwassen en valsheid in geschrifte bij de woningcorporatie in Rotterdam.

De twee hoofdverdachten waren bij Vestia in dienst als vastgoedbeheerder en medewerker sociaal beheer. Tegen hen eiste de officier van justitie op de negende zittingsdag respectievelijk vier jaar en drie jaar gevangenisstraf, waarvan een jaar voorwaardelijk.

Het tweetal wordt verdacht van het aannemen van steekpenningen. Die zouden ze jarenlang hebben ontvangen van schoonmaak- en onderhoudsbedrijven uit de regio Rotterdam in ruil voor klussen. In totaal is de woningcorporatie voor ongeveer 2,5 miljoen euro benadeeld door deze malafide praktijken. Dat treft ook de huurders, stelt justitie.

"De verdachten hebben op schaamteloze wijze misbruik gemaakt van hun positie", aldus de officier van justitie. "Deze zaak maakt bovendien duidelijk dat corruptie helemaal niet, zoals vaak wordt gedacht, alleen ver over de landsgrenzen plaatsvindt of in bepaalde criminele milieus. Het vindt ook op grote schaal plaats bij op het oog heel gewone, normale bedrijven hier in Nederland."

Drie ton te veel betaald voor reinigen dakgoten

Uit onderzoek bleek dat offertes van onderaannemers werden opgehoogd zonder dat die daar zelf van op de hoogte waren. Zo werd een offerte van ruim 39.000 euro opgehoogd naar ruim 123.000 euro. Het verschil deelden de verdachten met elkaar, stelt justitie.

Ook werd gefactureerd voor werkzaamheden die in het geheel niet werden uitgevoerd. De FIOD berekende dat Vestia alleen al voor het reinigen van de dakgoten 320.000 euro te veel heeft betaald aan een van de onderaannemers.

In de zaak staan veertien leveranciers van diensten of goederen en zestien personen terecht voor het omkopen van de twee voormalige Vestia-medewerkers. Tegen de bedrijven heeft het OM geldboetes geëist. Tegen de overige verdachten zijn straffen geëist variërend van taakstraffen tot onvoorwaardelijke gevangenisstraffen.

De rechtbank doet uitspraak op 24 december.