Uitzendkrachten mogen voortaan maar drie in plaats van vier jaar op een tijdelijk contract werken. Daarna moet het bedrijf ze in dienst nemen. Dat staat in een nieuwe cao die uitzendbureaus en vakbonden woensdag hebben gesloten. Ook hebben ze afspraken gemaakt over een hoger loon en betere arbeidsvoorwaarden.

Volgens de nieuwe afspraken moet het verschil in loon en arbeidsvoorwaarden tussen uitzendkrachten en vaste medewerkers kleiner worden.

In een volgende cao moet het verschil helemaal verdwijnen, zeggen vakbonden FNV, CNV en De Unie en de Algemene Bond Uitzendondernemingen (ABU), die de nieuwe cao hebben ondertekend.

De achterban van de bonden en die van de werkgeversvereniging moeten de overeenkomst nog goedkeuren. Als die ermee instemmen, geldt de cao met terugwerkende kracht van 17 november 2021 tot begin 2023.

De overeenkomst bevat ook betere afspraken voor arbeidsmigranten. Zo komt er de garantie dat hun inkomen in de eerste twee maanden minimaal net zo hoog is als het minimumloon. Daarnaast mogen de migranten na het aflopen van hun contract nog vier weken op dezelfde plek blijven wonen.

De onderhandelingen om tot een nieuwe cao te komen, hebben meer dan een jaar geduurd. In mei klapten de onderhandelingen doordat de bonden en de ABU het niet eens konden worden. In september zijn de partijen opnieuw om de tafel gaan zitten en woensdag hebben ze een akkoord bereikt.