Dat Nederland een fietsland is en dat de verkoop van fietsen stevig profiteert van de coronacrisis wisten we al. Het aantal fietsenwinkels loopt sinds vorig jaar ook opvallend op, maar dat heeft er volgens BOVAG vooral ook mee te maken dat grote online spelers in rap tempo winkels openen. Het aantal fietsenwinkels is nu opgelopen tot meer dan 2.600, blijkt uit voorlopige cijfers die NU.nl opvroeg bij het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

Het aantal fietsenwinkels bleef de afgelopen jaren altijd zo rond de 2.500 hangen, blijkt uit de CBS-cijfers. In 2020 zette een spurt in, die dit jaar nog verder versnelde. De teller staat nu op 2.615. "De markt is sowieso booming", zegt Tom Huyskens van BOVAG. "Maar het zijn vooral de grote online spelers als Stella en Amslod die tientallen winkels hebben geopend."

Het aandeel fietsen dat online zijn weg naar nieuwe berijders vindt, lag rond de 25 procent. "Dat stagneert", zegt Huyskens. "Het is niet de heilige graal voor de fietsverkoop. Een fiets wil je uitproberen en goed laten afstellen. Logisch ook met die prijzen." Het gemiddelde bedrag dat voor een fiets wordt neergeteld, kwam vorig jaar al op 1.500 euro uit.

Wat ook opvalt, is dat het aandeel nieuwe fietsen dat verkocht wordt flink oploopt ten opzichte van het aantal tweedehands exemplaren. Ruim zeven op de tien verkochte fietsen zijn nu nieuw, waar dat er vijf jaar geleden nog zes op de tien waren. "Ook dat heeft wel te maken met de toenemende populariteit van het fietsen in de coronatijd", denkt de BOVAG-woordvoerder.

"Fietsen als doel op zich is populairder geworden. Mensen die al een stadsfiets hadden, kopen er een racefiets, een mountainbike of een elektrische fiets bij." Het aantal fietsen per mens neemt toe. Het totale fietsenpark is nu naar schatting zo'n 23 miljoen. "Zolang de bevolking blijft groeien, Nederland een goed land blijft om te fietsen en files blijven bestaan, zal het aantal fietsen alleen maar verder toenemen."

Fietsenwinkels worden steeds professioneler

Het aantal winkels waar je een fiets kunt kopen, neemt waarschijnlijk niet heel veel meer toe. "De branche professionaliseert. Een grote speler als PON (van oudsher een grote speler in de autobranche, red.), die steeds groter wordt in de fietsen, heeft het dealermodel vanuit de autosector ook in de fietsenwereld geïntroduceerd", weet Huyskens.

'Dealers' moeten daardoor aan bepaalde eisen voldoen willen ze bijvoorbeeld een merk als Gazelle mogen verkopen. "De kleine fietsenmaker heeft ook nog wel bestaansrecht, maar zal misschien niet meer die grote merken kunnen verkopen."