De financiën van veel jeugdzorgbedrijven zijn niet best. Het vermogen van ruim de helft (53 procent) van de instellingen is niet groot genoeg om een flinke tegenvaller op te vangen. Dat blijkt dinsdag uit onderzoek van inkoopcoöperatie Intrakoop en accountantsbureau Verstegen.

De winst ging vorig jaar nog wel omhoog: van 15,1 miljoen naar 38,1 miljoen euro. Maar dat kwam vooral door de coronasteun vanuit de overheid en de subsidie voor de zorgbonus. 54 instellingen, zo'n 20 procent van de sector, schreef vorig jaar rode cijfers.

Verder blijkt dat bij steeds meer instellingen de buffer niet groot genoeg is om een tegenvaller, zoals de coronacrisis, op te vangen. Het percentage dat dit niet kan opvangen, is vorig jaar toegenomen van 51,8 naar 53,1 procent. Het gaat om 130 instellingen, waarvan er 94 een omzet van tussen 1 en 10 miljoen euro hebben. Daarmee behoren ze tot de kleinere instellingen.

Opvallend is dat vooral kleine en middelgrote organisaties meer omzet boekten. Grote instellingen zagen hun omzet juist afnemen. Volgens de onderzoekers komt dat mogelijk door het complexere klantenbestand van die instellingen. De bedrijven komen sneller in de problemen met de vergoedingen vanuit de gemeenten, doordat hun klanten vaak complexe aandoeningen hebben.

De personeelskosten in de jeugdzorg stegen met 8 procent tot 2 miljoen euro. Dat kwam vooral door de salarissen, die met 8,7 procent stegen. Die vielen niet alleen hoger uit door het aantrekken van nieuw personeel, maar ook doordat bestaande lonen zijn verhoogd.