Biomassa wordt steeds vaker gebruikt als bron van energie. Het zorgde vorig jaar voor 119 petajoule aan energie, wat 10 procent meer was dan het jaar ervoor. Dat blijkt donderdag uit cijfers van het CBS. De stijging komt vooral doordat het meer is gebruikt in kolencentrales.

Biomassa bestaat uit plantaardig of dierlijk materiaal dat wordt gebruikt voor energie. Voorbeelden hiervan zijn hout, mest en afval uit de voedingsindustrie. Het gebruik ervan stijgt al een paar jaar.

Vorig jaar zorgde de biomassa voor 6 procent van de totale energiebehoefte in Nederland. Daarmee is het de grootste hernieuwbare energiebron. Meer dan de helft (54 procent) van de hernieuwbare energie kwam van biomassa. Nummer twee en drie zijn respectievelijk wind (23 procent) en zon (14 procent).

De meeste biomassa wordt gebruikt voor de productie van warmte: 63 van de 119 petajoule. Dan gaat het onder meer om huishoudens met een houtkachel. Ook bedrijven gebruiken biomassa als warmtebron. Daarnaast is vorig jaar meer biomassa gebruikt voor het opwekken van elektriciteit.

In het vervoer is er juist minder van gebruikt. Het CBS geeft geen verklaring, maar mogelijk hangt het samen met de coronacrisis. Vorig jaar hebben veel automobilisten minder kilometers gemaakt en dus ook minder brandstof verbruikt.