Uber moet zijn chauffeurs in dienst nemen, heeft de rechter maandag bepaald in een zaak die door de FNV was aangespannen. Voor het techbedrijf is het een potentiële bom onder de bedrijfsvoering en het vonnis kan gevolgen hebben voor de hele platformeconomie.

De Sociaal-Economische Raad (SER) stelde onlangs in een studie dat er zo'n 125 online platforms in Nederland actief zijn die werkers koppelen aan klussen. Behalve Uber zijn er bijvoorbeeld Takeaway en Deliveroo in de hoek van maaltijdbezorging, Helpling voor schoonmakers en Werkspot voor klusprofessionals. In hoeverre de uitspraak over Uber ook gevolgen gaat hebben voor die andere platforms is maar de vraag, zeggen deskundigen in een reactie op het vonnis.

"De toon is in ieder geval gezet", vindt Martijn Arets, die geldt als expert op het gebied van de platformeconomie. "De vraag is nu hoe Uber het gaat doen. Er is geen dwangsom in het vonnis opgenomen en ze zullen ook wel in beroep gaan. De transitie naar een model waarbij je chauffeurs in dienst hebt en volgens CAO moet betalen, dat is echt wel iets volledig anders dan wat ze nu doen. Ook is het de vraag hoe er gehandhaafd gaat worden"

De rechter oordeelde dat chauffeurs die zich bij de Uber-app aanmelden, worden onderworpen aan een algoritme dat alleen door Uber wordt aangepast, niet door de chauffeurs. Alles bij elkaar gedraagt Uber zich als werkgever richting de taxirijders, staat in het vonnis.

Volgens Arets is het moeilijk om met de Uber-uitspraak in de hand iets te zeggen over andere spelers in de platformeconomie, want ze doen allemaal net iets anders. "Bij een dienst als Helpling is de invloed van dat algoritme minder van invloed dan bij locatiegebonden diensten als Uber en ook Deliveroo. Maar deze uitspraak raakt ieder bedrijf waar technologie wordt gebruikt om freelancers aan te sturen. Bij Taxicentrale Amsterdam zullen ze wel zenuwachtig zijn. Dat is ook wat ze bij Uber aanvoerden: waarom wij? Ieder taxibedrijf werkt met freelancers."

Meer dan alleen bemiddelen

Uber betoogde dat de chauffeurs zelfstandigen zijn en dat het bedrijf alleen bemiddelt tussen de partij die een taxirit nodig heeft en de chauffeur. De meeste chauffeurs voelen zich vrij en hebben geen enkel bezwaar tegen deze gang van zaken, zegt Uber.

Advocaat arbeidsrecht Rein Putkamer heeft wel enig begrip voor de positie van Uber. "Als je mensen vraagt wat Uber doet, dan zullen ze zeggen dat het een bedrijf is dat taxiritten aanbiedt. Maar het is eigenlijk een IT-bedrijf dat mensen aan diensten koppelt."

Toch gaat de verhouding van Uber met de chauffeurs wel wat verder. "Ze zeggen dat ze een soort Marktplaats zijn, maar chauffeurs moeten bijvoorbeeld een foto van zichzelf uploaden als ze de app gebruiken. Dat gaat meer richting een arbeidsrelatie."

De uitspraak in deze zaak staat niet op zich. Zo bepaalde het gerechtshof in Amsterdam in februari in hoger beroep dat koeriers die voor maaltijdbezorger Deliveroo in Nederland werken, geen zelfstandigen zijn, maar werknemers.

"Deliveroo houdt zich erg stil maar heeft voor zover ik weet niets aangepast", zegt platformdeskundige Arets. Individuele bezorgers zijn nu bezig met hulp van FNV een contract op te eisen. Dat kan wel een kwestie van jaren zijn. Uber zal sneller met een antwoord moeten komen."

Advocaat Putkamer hoopt dat de rechterlijke tussenkomst zal helpen om de discussie voort te stuwen over zzp'ers, deeldiensten en hoe zich dat allemaal met elkaar verhoudt. "Je wil bedrijven als Uber ook wel ruimte bieden en er zijn ook mensen die het prima vinden om in een losse arbeidsrelatie te werken. Maar er moet vooral duidelijkheid komen. De politiek moet het voortouw nemen."