De prijzen van koophuizen stijgen dit jaar met gemiddeld 14,4 procent, stelt Rabobank maandag. Volgend jaar komt daar volgens de bank naar verwachting nog eens 11,5 procent bij. Een gemiddeld koophuis zou daardoor in twee jaar tijd ruim 90.000 euro duurder worden.

Enkele maanden geleden kwam de bank nog met bescheidenere groeicijfers, met dit jaar een stijging van iets minder dan 11 procent en volgend jaar 4,6 procent. Maar Rabobank gaat er inmiddels van uit dat zowel dit jaar als volgend jaar de prijzen harder oplopen.

Dit komt doordat de prijzen de afgelopen maanden meer zijn gestegen dan verwacht. Daarnaast speelt mee dat de economie relatief snel herstelt van de tweede coronalockdown en dat de werkloosheid en de rente laag blijven.

Naar verwachting stijgen de huizenprijzen in Flevoland dit jaar het meest, vermoedelijk zo'n 20 procent. Daar zou volgend jaar nog eens 15 procent bij komen. Ook de huizenprijzen in veel regio's in het noorden van het land, bijvoorbeeld Noordoost-Groningen, zullen flink stijgen, denkt de bank. De kleinste stijging is er dit jaar waarschijnlijk in de regio Amsterdam, maar dan gaat het nog altijd om zo'n 12 procent.

"Voor starters op de woningmarkt is de snelle prijsstijging een sombere boodschap", zegt Stefan Groot, woningmarkteconoom bij Rabobank. Hij rekent voor dat een stijging van 90.000 euro, zelfs bij de huidige lage rente, betekent dat een koper dertig jaar lang zo'n 300 euro extra moet betalen.

Waarom hetzelfde huis in Amsterdam veel duurder is dan in Groningen
227
Waarom hetzelfde huis in Amsterdam veel duurder is dan in Groningen