De Volksbank sluit niet uit dat meer spaarders negatieve rente moeten gaan betalen. Dat zei topman Martijn Gribnau vrijdag bij de presentatie van de halfjaarcijfers van de bank. Bij die cijfers gaf de bank aan veel last te hebben van de lage rentestand. Zo krijgt het bedrijf minder rentebaten binnen uit hypotheken en kwam er flink meer spaargeld binnen tijdens de coronatijd. "Je wil mensen niet laten betalen voor hun spaargeld, maar er zijn niet zo veel andere mogelijkheden."

In de eerste zes maanden stalden spaarders ondanks de lage rente 2,6 miljard euro extra bij de bank, die nu 44,7 miljard euro aan spaargeld in beheer heeft. Die toename heeft mogelijk met de coronatijd te maken waarin banken al eerder meldden dat mensen het geld oppotten dat ze niet besteden aan bijvoorbeeld vakanties, woon-werkverkeer en vertier.

De Volksbank moet geld betalen om het spaargeld van klanten bij de Europese Centrale Bank (ECB) te stallen. Om verdere druk van die rentekosten te voorkomen, besloot de bank al per 1 juli meer klanten een negatieve rente te laten betalen. Die grens ligt nu op 1 ton, maar kan dus nog verder zakken. Dat ligt gevoelig omdat de Volksbank in handen is van de Staat en veel politieke partijen tegen negatieve rente voor spaarders zijn. Dat beseft Gribnau. "Maar onze aandeelhouders, en dat zijn de belastingbetalers, willen ook een rendement zien."

De bank, die merken als BLG Wonen, SNS, ASN Bank en RegioBank voert, is in de eerste zes maanden van dit jaar wel gegroeid. Zo openden meer klanten een betaalrekening bij de bank, werden er meer hypotheken afgesloten en gaf de bank meer leningen uit aan mkb-bedrijven. Ook het beheerd vermogen van de bank, dat belegd wordt voor klanten, nam toe. Dat bedraagt nu 4,2 miljard euro.

De winst daalde naar 94 miljoen euro, van 106 miljoen euro in de eerste jaarhelft van 2020. Toen zette de bank bovendien 45 miljoen euro opzij voor slechte leningen, waarvan het afgelopen half jaar weer 31 miljoen euro liet vrijvallen. De Volksbank is van plan in oktober, als de ECB en De Nederlandsche Bank (DNB) het weer toestaan, alsnog het dividend over 2019 en 2020 uit te betalen. Tijdens de coronacrisis verboden de centrale banken dat omdat banken een sterkere buffer nodig hadden voor het geval er een grote economische schok zou optreden.