Kledingwinkels zagen hun verkopen in het afgelopen kwartaal met maar liefst 40 procent stijgen ten opzichte van een jaar eerder. In geen enkele andere winkelbranche nam de omzet zo sterk toe, blijkt vrijdag uit cijfers van statistiekbureau CBS. Bouwmarkten en keukenverkopers kregen juist een min voor de kiezen.

Dat er in het tweede kwartaal bij de kledingverkopers zo'n forse groei was, komt onder meer doordat een jaar eerder de omzet juist instortte. Toen was sprake van het eerste kwartaal dat volledig in de coronaperiode viel. De winkels bleven toen weliswaar open, maar toch meden veel mensen de winkelstraat.

In het afgelopen kwartaal hadden de kledingwinkels nog steeds deels last van beperkingen, maar desondanks wist de klant de textielverkoper weer te vinden. De omzet lag vorig kwartaal nog wel onder het niveau van dezelfde periode in precoronajaren.

Sommige winkels die het bij de uitbraak van COVID-19 juist goed deden, zoals doe-het-zelfzaken, zagen de inkomsten in het afgelopen kwartaal afnemen. Sterkste dalers waren de verkopers van consumentenelektronica, die zo'n 4 procent minder apparaten verkochten.

Bij voedingswinkels, zoals supermarkten, groenteboeren en slagers, was de omzet ongeveer 1 procent hoger dan een jaar eerder. De totale Nederlandse detailhandel zag de inkomsten met 8 procent stijgen.

Groei van online verkopen zwakt af

Webwinkels zagen hun omzet opnieuw flink stijgen. Ze verkochten gemiddeld 17 procent meer dan een jaar eerder. De extreme groeicijfers zoals in eerdere kwartalen lijken daarmee - in ieder geval voorlopig - voorbij.

Zo stegen de online verkopen in het eerste kwartaal van dit jaar met maar liefst 85 procent. De toename was in de afgelopen maanden dus beduidend kleiner.