In het kielzog van de opleving van het botenbezit in Nederland, lopen ook de havens vol. De ligplaatsen in de jachthavens zijn deze zomer voor 80 tot 100 procent bezet, stelt brancheorganisatie HISWA-RECRON. Ook in gemeenten is het dringen geblazen aan de kade, daar liggen de boten tot wel drie rijen dik naast elkaar.

Voor populaire toeristensteden aan het water leveren de ligplaatsen een extra bron van inkomen op. Amsterdam komt zelfs met een doorvaartvignet waarvoor betaald moet worden. "Amsterdam wil dat omdat het te druk wordt en ook in verband met het milieu", zegt Liane Jansen van HISWA-RECRON.

In veel steden aan het water zijn de vaste ligplaatsen inmiddels volgeboekt en wordt ook geld verdiend aan de passanten. "Die betalen een soort parkeergeld om te kunnen afmeren in de passantenhavens."

Een waterstad als Delft rekent circa 15 tot 18 euro per etmaal, afhankelijk van de grootte van het schip, waarbij gebruik van douche en toilet gratis is en een wasje draaien en drogen 10 euro kost. "Afhankelijk van het programma", vermeldt de website van de gemeente.

Een tweedehands sloep kost nu al gauw 15.000 euro

Voor de circa twaalfhonderd jachthavens zijn het gouden tijden en het is lang geleden dat dit het geval was, weet de brancheorganisatie. Sinds de coronacrisis zijn boten zeer gewild en dan met name de kleinere varianten. "Zoals sloepen, tenders en ribs." De tenders werden in het verleden alleen gebruikt als bijboot bij dure jachten.

"Vooral de nieuwe watersporters kopen niet meteen een kajuitjacht", weet Jansen. "De kleinere boten zijn makkelijk te besturen en je hebt er ook geen vaarbewijs voor nodig." Voor een sloep heb je dan weer wel een ligplaats nodig, maar de geldteller begint al eerder te lopen. "Voor een beetje tweedehands sloep betaal je nu al 15.000 euro."

Populaire jachthavens bouwen extra steigers

Voor een ligplaats moet per seizoen - jachthavens kennen een winter- en zomerseizoen - tot in de honderden euro's worden betaald. "Dat gaat per meter. Voor een boot van zo'n 5,5 meter lang zit je al gauw op 700 euro", legt Jansen uit. Dan moet je nog tanken, hoeveel hangt natuurlijk af van hoeveel je vaart. "En je hebt te maken met onderhoud, zoals van de motor en andere onderdelen. Dat kan zo een paar honderd tot 1.000 euro kosten."

Dat de jachthavens vol liggen, heeft HISWA-RECRON al lange tijd niet meer meegemaakt. "We zien zelfs dat in populaire jachthavens weer steigers worden bijgebouwd. Net zoals we zien dat de markt voor kleinere tweedehands boten volledig is opgedroogd." De populaire jachthavens zijn volgens Jansen de havens die zich aanpassen aan de wensen van de nieuwe watersporter.

"Die wil luxe, een drankje doen na een dagje varen, een speeltuin voor de kinderen." Jachthavens groeien uit tot een soort vakantieparken, met alles erop en eraan. "Met uitzondering van die voor het zeilpubliek, die zijn heel anders. Dat is een vaste kliek liefhebbers die daar al jaren komen, zoals op de camping. Die zijn zelfvoorzienend en koken hun eigen potje."