Zo'n 35 miljoen inwoners van de EU hebben niet de middelen om een zomervakantie te boeken, blijkt maandag uit een onderzoek van de European Trade Union Confederation (ETUC). De organisatie wil betere standaarden voor het minimumloon onderhandelen.

Het grootste deel van die groep bestaat uit mensen die minder dan 60 procent van het mediaaninkomen verdienen, maar er zitten ook werklozen en gepensioneerden bij. 22 miljoen Europeanen verdienen volgens ETUC minder dan 60 procent van het mediaaninkomen, de door de EU bepaalde armoedegrens.

"Een weekje weg mag geen luxe voor een kleine groep mensen zijn", zegt Esther Lynch, het hoofd van de organisatie. "Terwijl heel wat werkenden genieten van een beetje vakantie met familie en vrienden, kunnen miljoenen mensen dat niet doen, omdat ze te weinig betaald worden."

In Griekenland is de situatie het schrijnendst. Daar kan bijna 90 procent van de mensen die op de armoedegrens leven geen vakantie betalen. Op de tweede plaats komt Roemenië met 86,8 procent, daarna volgen Kroatië (84,7 procent), Cyprus (79,2 procent) en Slowakije (76,1 procent).

ETUC onderhandelt nu met de Europese Commissie om aan de Europese wetgeving toe te voegen dat het minimumloon nooit lager kan zijn dan 60 procent van het mediaaninkomen en 50 procent van het gemiddelde loon in elk EU-land.

De arbeidsorganisatie vertegenwoordigt 45 miljoen werknemers in 38 Europese landen en gebruikte voor het onderzoek data van het Europese statistiekbureau Eurostat.