De Nederlandse luchthavenuitbater Royal Schiphol Group werkt vanaf december niet meer samen met het concern Aéroports de Paris (ADP), dat op zijn beurt de luchthavens van de Franse hoofdstad Parijs exploiteert. Er waren vooral strubbelingen op financieel vlak, zegt een woordvoerder van Schiphol. De bedrijven sloegen in 2008 de handen ineen om de concurrentie het hoofd te bieden, naar het voorbeeld van de fusie tussen de luchtvaartmaatschappijen Air France en KLM.

Schiphol en ADP begonnen in 2008 met samenwerken om kennis en personeel uit te wisselen en gezamenlijk zaken aan te kopen, zoals sneeuwruimers. Dat ging de eerste jaren heel goed, maar in de afgelopen tijd nam de meerwaarde daarvan af, zegt de woordvoerder.

Maar het echte struikelblok was er aan financiële zijde. De bedrijven kochten als onderdeel van de deal 8 procent van de aandelen in elkaar. Dat moest nu opnieuw onderhandeld worden om de overeenkomst te verlengen en daar werden de uitbaters het niet over eens, vertelt de zegsman.

Schiphol had de samenwerking zeker willen voortzetten, maar "kan ermee leven" dat er een einde aan komt.

Volgens insiders lag vooral ADP dwars. Het luchthavenbedrijf is in de afgelopen jaren veel sterker in waarde gestegen dan Schiphol en vond dat het belang van 8 procent niet meer in verhouding was. ADP had een belang ter waarde van 370 miljoen euro in Schiphol, terwijl Schiphol het Franse bedrijf voor 640 miljoen euro in de boeken had staan.

Schiphol probeerde nog tot een overeenkomst te komen, maar ADP zou om een te groot deel van de koek hebben gevraagd. De bedrijven moeten hun aandelen binnen achttien maanden na de beëindiging van de overeenkomst verkopen. In dit geval is dat uiterlijk 30 mei 2023.