De Europese Centrale Bank (ECB) houdt vast aan de historisch lage rente om zo de inflatie in de eurozone naar de 2 procent te helpen. De centrale bank zegt te verwachten de rente laag te houden tot het inflatiedoel gehaald is.

Het is daarbij niet erg als de inflatie tijdelijk boven de 2 procent uitkomt. De centrale bank wil de rentes pas verhogen als uit prognoses blijkt dat de inflatie langdurig op ten minste 2 procent ligt.

Dat er donderdag niet aan het rentetarief getornd zou worden, werd wel verwacht. Al voor de corona-uitbraak zette de ECB de herfinancieringsrente op 0 procent, wat betekent dat banken gratis geld kunnen lenen bij de centrale bank.

De depositorente staat al tijden op -0,5 procent, waardoor banken geld toeleggen op spaartegoeden die ze bij de ECB in Frankfurt stallen. Deze tarieven blijven voorlopig dus hetzelfde.

De ECB verwacht dat de inflatie in de eurozone dit jaar op 1,9 procent uitkomt, maar in 2022 weer daalt naar 1,5 procent. In het jaar erna daalt de inflatie mogelijk nog verder naar 1,4 procent.

De centrale bank mikt op een inflatie van 2 procent om deflatie - waarbij prijzen dalen en consumenten uitgaven kunnen uitstellen - te voorkomen. Bij een inflatie hoger dan 2 procent groeit de kans dat prijzen te hard oplopen. Daardoor wordt het spaargeld van mensen minder waard en kunnen ze minder producten kopen met hun inkomen.