De belangrijkste industrielanden van de wereld hebben een nieuwe stap gezet naar een allereerste belasting op wereldniveau. Tijdens de G20-top in Venetië spraken de negentien economisch belangrijkste landen en de Europese Unie dit weekend steun uit voor het invoeren van een wereldwijd minimumbelastingtarief van 15 procent voor bedrijven.

Nog niet eerder waren landen als Rusland, de VS, India en China zo eensgezind over een mondiaal plan dat ertoe moet leiden dat bedrijven wereldwijd een gelijkere belasting over hun winsten betalen. De G20 sprak dan ook van een "historische overeenkomst".

Vorige maand bereikten de G7-landen al een akkoord over het minimumbelastingtarief. Ook spraken 130 van de 139 landen die namens de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) meepraatten over de plannen hun steun uit, waaronder Nederland.

Het belastingplan moet het onmogelijk maken voor multinationals om hun winsten door te sluizen naar landen met een gunstig fiscaal klimaat. Ondernemingen met een wereldwijde omzet van minimaal 750 miljoen euro moeten vanaf eind 2023 een deel van hun winsten afdragen in het land waar ze zaken doen, zo zijn de landen in hoofdlijnen overeengekomen. Nu betalen multinationals vaak alleen belastingen in landen waar ze gevestigd zijn.

Het plan zou ongeveer 150 miljard dollar (ruim 123,5 miljard euro) aan extra inkomsten opleveren voor overheden verspreid over de hele wereld, becijferde de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) vorige maand.

Ondanks grote steun klinkt er ook kritiek op de plannen

Tijdens de volgende G20-top, die in oktober in Rome plaatsvindt, moet een definitief akkoord worden gesloten over het plan. Daarvoor moeten nog wel wat plooien worden gladgestreken. Want ondanks de massale steun voor het plan klinkt er ook kritiek.

De Amerikaanse president Joe Biden heeft de steun nodig van het Amerikaanse Congres. Maar de Republikeinen, die er een krappe meerderheid vormen, houden voorlopig de vinger aan de pols. Ze vinden onder andere dat de nieuwe regels te veel gericht zijn op Amerikaanse techbedrijven als Google en Facebook.

Daarnaast eist de VS dat de belastingregels die de Europese Unie heeft opgelegd aan grote techbedrijven na de wereldwijde belastinghervorming verleden tijd zijn. Europese landen zijn daar echter huiverig voor, want de digitaks is een welkome aanvulling op de begroting.

Bovendien vormt een vete tussen Rusland en China enerzijds en westerse landen anderzijds een struikelblok. De eerstgenoemde landen vinden dat landen die achterblijven bij economische rijke landen coulance verdienen. Europese landen en de Amerikanen zien dat niet zitten.

Ook binnen de EU onenigheid over het plan

Een aantal landen binnen de Europese Unie heeft al protest aangetekend tegen de plannen. Hongarije, Ierland en Estland hebben zich niet achter het initiatief geschaard, omdat zij vanwege hun lage belastingtarieven veel grote bedrijven hebben binnen gehengeld. De nieuwe belastingregels zouden hun vestigingsklimaat verslechteren. Ze moeten immers hun belastingtarieven verhogen.

Ook andere landen houden om die reden voet bij stuk, zoals Barbados, Kenia, Nigeria, Peru en Saint Vincent en de Grenadines.

Janet Yellen, de Amerikaanse minister van Financiën, verzekerde overigens dat het niet noodzakelijk is dat alle landen meedoen met de plannen. Worden multinationals in belastingparadijzen bevoordeeld, dan mogen andere landen ter compensatie extra belasting heffen, zei ze.

Eerder leverden ontwikkelingsorganisatie Oxfam Novib en Tax Justice Network al kritiek op het plan. Zij vinden het minimumtarief van 15 procent juist niet ver genoeg gaan. Het percentage zou volgens de organisaties weinig verschil maken. Het plan kan bovendien averechts werken: landen die nu een hoger tarief hanteren zouden dat tarief kunnen verlagen. Al is het nog maar de vraag of het zo ver komt.

De Amerikaanse minister van Financiën Janet Yellen op de G20-top.

De Amerikaanse minister van Financiën Janet Yellen op de G20-top.
De Amerikaanse minister van Financiën Janet Yellen op de G20-top.
Foto: AFP

Zorgen over economisch herstel vanwege coronavirusvarianten

De Amerikaanse minister van Financiën Janet Yellen zei tijdens de G20-top zich grote zorgen te maken over de impact die de opmars van varianten van het coronavirus kunnen hebben op het economisch herstel in de wereld.

"We maken ons grote zorgen over de deltavariant en andere varianten die zouden kunnen opduiken en het herstel kunnen bedreigen", zei Yellen. Ze wees erop dat landen in de wereldeconomie met elkaar verweven zijn. "Wat in een deel van de wereld gebeurt, heeft gevolgen voor alle landen."

Yellen onderstreepte het belang van het financieren van vaccins voor ontwikkelingslanden in de strijd tegen het coronavirus, maar voegde eraan toe dat er meer moet gebeuren. Als voorbeeld noemde ze onder meer het sturen van spullen die beschermen tegen het virus naar arme landen.