Chinese mededingingsautoriteiten hebben woensdag internetgiganten Tencent en Alibaba beboet vanwege het overtreden van concurrentieregels. In totaal kregen elf bedrijven die in het bezit zijn van de twee gigaondernemingen een boete opgelegd van 500.000 Chinese yuan (omgerekend ongeveer 65.000 euro) per bedrijf.

De boetes worden gezien als een manier voor de Chinese overheid om controle te houden over de snelgroeiende internetbedrijven. De Communistische Partij, die het voor het zeggen heeft in China, meldde eerder al dat het naleven van concurrentieregels, met name in de techsector, prioriteit heeft dit jaar.

De boetes zijn niet de eerste die dit jaar zijn uitgedeeld: in april kreeg Alibaba, het bedrijf van multimiljardair Jack Ma, nog een boete van meer dan 2 miljard euro. Ook toen werden de concurrentieregels overtreden, aldus de mededingingsautoriteiten. Dit leverde Alibaba het eerste verlies in negen jaar op.

De invloed van de Chinese regering was afgelopen week ook merkbaar toen de Chinese taxiapp Didi werd beschuldigd van het illegaal verzamelen van persoonsgegevens. Als gevolg daarvan werd Didi uit alle Chinese appwinkels verwijderd. Dit terwijl Didi twee dagen eerder nog naar de beurs was gegaan in New York. Als gevolg van de aantijging verloor Didi dinsdag meer dan 10 miljard euro aan marktwaarde.