Het aantal particuliere woningkopers dat hun oude woning in bezit houdt om te kunnen verhuren zit in de lift. Het fenomeen, ook wel keep-to-let genoemd, was de afgelopen tien jaar goed voor 4 procent van alle transacties, becijfert het Kadaster. Dat komt neer op zo'n 62.000 woningen.

Volgens het Kadaster zijn het vooral rijtjeswoningen en appartementen die in het bezit blijven van particuliere woningkopers na hun verhuizing. In ruim de helft van de gevallen bevinden deze woningen zich in dezelfde gemeente of regio als het nieuwe huis. De kopersgroep is gemiddeld 46 jaar en is daarmee 5 jaar ouder dan de particuliere kopers op de woningmarkt.

Als reden voor het in het bezit houden van de oude woning noemt het Kadaster het lage rendement op sparen. Ook houden meer particulieren hun oude woning aan als een vorm van belegging. De keerzijde daarvan is dat het de krapte op de woningmarkt in stand houdt en de doorstroming belemmert.

Waar keep-to-let in de lift zit, is het kopen van een extra woning met als doel deze te verhuren steeds minder in trek. Dit wordt ook wel buy-to-let genoemd. De afgelopen tien jaar registreerde het Kadaster 75.000 dergelijke woningtransacties, maar het verschil met de 62.000 keep-to-let-transacties loopt terug.

Waarom hetzelfde huis in Amsterdam veel duurder is dan in Groningen
227
Waarom hetzelfde huis in Amsterdam veel duurder is dan in Groningen