Waar de Europese Centrale Bank (ECB) zegt dat de opgelopen inflatie tijdelijk van aard is, toont president Klaas Knot van De Nederlandsche Bank (DNB) zich kritischer. Centrale bankiers overschatten mogelijk hoe goed zij in de toekomst kunnen kijken als het op prijsstijgingen aankomt, zegt hij zaterdag in een interview met NRC.

Toen de coronacrisis begon, tuigde de ECB net als andere centrale banken een groot stimuleringsprogramma op om rentes zo laag mogelijk te houden, zodat er nog genoeg geld naar bedrijven en huishoudens bleef stromen. President Christine Lagarde kondigde aan dat de ECB voor honderden miljarden euro's leningen zou opkopen.

Nu het economisch herstel is ingezet, stijgen ook de prijzen in de eurozone harder dan voorheen. Maar de ECB zet niet direct de rem op inflatie door bijvoorbeeld renteverhogingen of minder obligaties op te kopen. Lagarde en andere centrale bankiers verwachten namelijk dat de hogere inflatie tijdelijk van aard zal zijn.

Knot, als hoogste baas van DNB ook lid van de raad van bestuur van de ECB, plaatst daar in gesprek met NRC vraagtekens bij. "We moeten onze capaciteit niet overschatten om vooraf vast te stellen wat nou tijdelijke inflatie is en wat niet", zegt hij.

Gesprekken met voormalige centrale bankiers over de hevige inflatie in de jaren zeventig sterken hem in die mening. "Van de huidige generatie heeft niemand ooit echte inflatie ervaren. De inflatie in de jaren zeventig kwam aanvankelijk ook onverwacht. Als de huidige generatie aan het roer zou zijn geweest in 1973, hadden wij dan niet óók allemaal gezegd: ach, die olieprijsstijging is vast tijdelijk?"

De DNB-president vindt ook dat er begin volgend jaar een einde moet komen aan het speciale noodprogramma van de ECB tegen de coronacrisis. "Het is goed dat we snel hebben ingegrepen in deze crisis. Maar zodra het sein 'brand meester' wordt gegeven, moet de brandweer terug in de kazerne. Dat moet rond maart 2022 wel het geval zijn."