Taxiplatform Uber en vakbond FNV staan dinsdag tegenover elkaar in de rechtbank in Amsterdam. De bond sleepte Uber voor de rechter omdat het weigert de chauffeurs die voor het bedrijf rijden in dienst te nemen. Via de rechter wil de bond afdwingen dat Uber de chauffeurs behandelt als werknemer en in loondienst neemt, terwijl Uber zegt dat de chauffeurs daar helemaal niet op zitten te wachten.

Uber biedt al geruime tijd een platform waarop chauffeurs en passagiers elkaar kunnen vinden. De taxichauffeurs die op het platform hun diensten aanbieden, zijn niet in loondienst bij Uber, maar rijden als zelfstandige en kunnen ook voor andere taxibedrijven werken.

De machtsverhouding tussen Uber en de chauffeurs is echter dusdanig dat er sprake is van een werkgever-werknemersverhouding, omdat het platform vrijwel volledige controle heeft over de taxirijders. Althans, dat vindt FNV. De bond stelt onder meer dat Uber bepaalt welke chauffeurs en auto's worden toegelaten tot het platform, het tarief bepaalt en chauffeurs kan blokkeren, zonder dat ze daartegen in beroep kunnen gaan.

Als er sprake is van loondienst, zouden de chauffeurs betaald krijgen volgens de taxi-cao, krijgen ze ontslagbescherming en hoeven ze de kosten van hun auto niet zelf te betalen. Deze rechten hebben de chauffeurs nu niet. Er is volgens de bond sprake van schijnconstructies. De vakbond zegt namens veel chauffeurs te spreken en heeft een aantal van hen meegenomen naar de zitting die dinsdag om 9.30 uur is begonnen.

Chauffeurs vinden flexibiliteit juist fijn

Uber is het uiteraard niet eens met de beweringen van de bond. Volgens het platform vinden veel chauffeurs de zelfstandigheid juist prettig. Dat zou blijken uit een peiling die het bedrijf onder zijn chauffeurs heeft uitgevoerd. De taxirijders kunnen er in de huidige constructie voor kiezen om bijvoorbeeld een dag niet te werken, of op een bepaalde dag aan de slag gaan bij een andere taxivervoerder. Een groot deel van de chauffeurs zou die flexibiliteit juist willen behouden.

Uber wijst er bovendien op dat de taxirijders er altijd voor kunnen kiezen om niet meer voor het platform te rijden en bij een ander bedrijf aan de slag kunnen gaan. FNV stelt echter dat Uber op sommige plekken zo dominant is geworden, dat je er als chauffeur niet meer omheen kunt.

Uber verloor eerdere zaak in Engeland

Uber stond eerder in andere landen om dezelfde reden voor de rechter, in onder meer Engeland. Daar besliste de hoogste rechter in februari dat de chauffeurs workers zijn. Daarmee zitten ze tussen werknemer en zelfstandige in. In de praktijk betekent het dat ze onder meer het minimumloon en vakantiegeld krijgen, maar ze kunnen bijvoorbeeld geen protest aantekenen tegen een eventueel ontslag. De juridische kwalificatie worker kent het Nederlands recht overigens niet.

De rechtbank in Amsterdam zal dinsdag niet meteen uitspraak doen in de zaak, maar pas over een aantal weken. Of daarmee de kous af is, is zeer de vraag. Beide partijen kunnen in hoger beroep gaan als de uitspraak ze niet zint. De verwachting is dat dat ook gebeurt.