In het kielzog van de gewone woningmarkt begint ook de markt voor recreatiewoningen tekenen van oververhitting te vertonen. Vorig jaar verwisselden meer dan 7.300 vakantiewoningen van eigenaar, een toename van 70 procent vergeleken met een jaar eerder. Gemiddeld werd in 2020 voor een vakantiehuis 172.500 euro betaald, een stijging van 13,6 procent ten opzichte van 2019, meldt NVM woensdag.

"Dat is de grootste stijging sinds 2004, dat is het jaar dat we zijn begonnen om dit bij te houden", aldus de makelaarsvereniging. Aan het begin van dit jaar stonden nog zo'n achthonderd recreatiewoningen te koop. Dat is minder dan de helft van het aantal dat een jaar eerder nog beschikbaar was: circa negentienhonderd.

"De invloed van de oververhitte reguliere koopwoningmarkt wordt daarmee ook zichtbaar op de markt voor recreatiewoningen", stelt de NVM. "Een enorme stijging van de vraag, tegenover steeds minder recreatief woningaanbod leidt ook op deze markt tot krapte en prijsstijgingen." De lage rente speelt ook hier volgens de NVM een belangrijke rol. "Daarbij heeft de coronacrisis de trek van ruimte- en rustzoekers vanuit de stad gestimuleerd."

De recreatiewoningen worden volgens de makelaarsvereniging ook steeds vaker "een toevluchtsoord" voor de groep die door de krapte niet aan een reguliere koop- of huurwoning kan komen.

Vakantiewoningen staan wel aanzienlijk langer te koop dan gewone huizen.

Waarom hetzelfde huis in Amsterdam veel duurder is dan in Groningen
227
Waarom hetzelfde huis in Amsterdam veel duurder is dan in Groningen