De Omgevingswet, de grootste wetswijziging sinds 1948, gaat een half jaar later in dan gepland. De regels gaan gelden vanaf 1 juli 2022, meldt demissionair minister Kajsa Ollongren (Binnenlandse Zaken) donderdag in een brief aan de Eerste en Tweede Kamer.

De invoering wordt uitgesteld om de techniek erachter goed te laten werken. Daar is meer tijd voor nodig, schrijft Ollongren in de brief. Ook is er tijd nodig om de "inhoud van het stelsel te beproeven en ermee te oefenen". Door daar voldoende tijd voor te reserveren, wil Ollongren hinder voor belangrijke gebiedsontwikkeling voorkomen.

Met de Omgevingswet wil het kabinet de huidige regels voor ruimtelijke ordening, leefomgeving, bouwen, natuur, milieu en water samenvoegen. De wet moet ervoor zorgen dat er minder vergunningen nodig zijn.

Ook moeten burgers en bedrijven sneller een vergunning kunnen krijgen. Dit moet een hoop bureaucratische rompslomp voorkomen.

De invoering van de wet is al meerdere keren uitgesteld. De wet zou oorspronkelijk in 2018 in werking treden, maar dat werd niet gehaald. Ook een invoering in 2019 bleek niet haalbaar. Daarop besloot het kabinet Rutte-II de invoering uit te stellen tot 2021. Al was dat jaar ook niet zeker, waarschuwde toenmalig minister van Infrastructuur en Milieu Melanie Schultz.