Windpark Fryslân, een van de belangrijkste Nederlandse projecten om de doelstelling voor wind op land te halen, zal pas na de zomer op vol vermogen draaien. Eerder werd verwacht dat dat komende zomer al zou zijn, maar onder meer het coronavirus gooide roet in het eten.

Om te voldoen aan de afspraken uit het klimaatakkoord van Parijs moet Nederland tegen 2030 onder meer vijfhonderd nieuwe windmolens op land bouwen. Met het megaproject Windpark Fryslân, waarmee er 89 windmolens op het IJsselmeer komen, wil de regering al een groot deel van die doelstelling bereiken.

Het windpark zou goed zijn voor zo'n 1.500 gigawattuur windenergie per jaar. Dat is het stroomverbruik van ongeveer een half miljoen huishoudens.

De bouw van het park begon in 2018 door het consortium Zuiderzeewind, een samenwerking tussen de windmolenbouwers Siemens Gamesa en Van Oord Offshore Wind. De oplevering was voorzien in de zomer van dit jaar, maar dat zal niet meer lukken. Volgens het consortium hebben "het onstuimige weer, de complexe logistiek van het project en het coronavirus" voor vertraging gezorgd.

Het project zit in de laatste bouwfase en zal na de zomer volledig klaar zijn. Het windpark zal energie leveren aan energieleverancier Eneco, die de energie in eerste instantie zal gebruiken voor zakelijke klanten in Friesland. Later dit jaar start ook een campagne voor Friese particulieren.