De Belastingdienst ontving tussen 1 maart en het einde van de aangifteperiode op 8 mei 9,8 miljoen aangiftes. Dat waren er nog nooit zo veel. Vrijwel alle aangiftes werden digitaal gedaan, ondanks de storing die de site van de Belastingdienst een week lang onbereikbaar maakte.

Normaal gesproken liep de aangifteperiode tot 1 mei, maar door de storing kregen mensen een week langer de tijd. Volgens de Belastingdienst is dat de verklaring voor het recordaantal aangiftes dit jaar.

Door het uitstel was er meer tijd om spontaan een aangifte te doen, zonder dat je daar een brief over had ontvangen. Een aangifte kan ervoor zorgen dat je meer geld terugkrijgt, bijvoorbeeld als je als jongere een bijbaantje hebt gehad, meldt de fiscus. 8,3 miljoen mensen kregen wel een brief.

Die extra week heeft er mogelijk ook voor gezorgd dat er minder uitstel is aangevraagd. Vorig jaar kreeg de fiscus 3 miljoen uitstelverzoeken binnen, dit jaar waren dat er maar 2,9 miljoen. Wie een machtiging heeft gekregen om voor iemand anders zijn of haar belastingaangifte in te dienen, krijgt sowieso uitstel tot 1 september.

Aangiftes werden op andere momenten gedaan

"De start van de aangiftecampagne was natuurlijk niet zoals voorzien, maar daarna is het volgens plan en naar tevredenheid verlopen", zegt verantwoordelijke Heleen Bischoff-Moonen. 22.500 mensen werden telefonisch geholpen bij hun aangifte en dit jaar vond er ook een proef met videobellen plaats.

Door de coronacrisis veranderde het moment waarop mensen hun aangifte indienden. Op werkdagen waren er pieken om 8.00 uur en 14.00 uur. Ook in het weekend werd er vaker rond 14.00 uur aangifte gedaan. 663.000 aangiften werden via de app gedaan, 13 procent meer dan vorig jaar.

Een week geleden waren er al 9,4 miljoen aangiftes binnen bij de Belastingdienst.