Het was geen droomstart voor de horeca die nu sinds een week de terrassen weer beperkt mag openen. Het was weliswaar meivakantie, maar het slechte weer heeft volgens Koninklijke Horeca Nederland (KHN) nadrukkelijk roet in het eten gegooid, zegt KHN-directeur Dirk Beljaarts in gesprek met NU.nl.

"We weten niet precies hoe groot het effect van het weer op het terrasbezoek is. Maar iedereen snapt dat mensen liever op het terras zitten in het zonnetje bij 20 graden, dan in de regen bij windkracht 6", aldus Beljaarts, die verder spreekt van gemengde gevoelens bij de achterban.

Na maanden van algehele sluiting mochten de terrassen vorige week woensdag weer beperkt open. Er geldt een maximum van vijftig mensen per terras, tussen verschillende gezelschappen moet 1,5 meter afstand gehouden worden en er mag alleen tussen 12.00 en 18.00 uur eten en drinken geserveerd worden.

"Ondernemers waren in eerste instantie heel gelukkig dat ze weer open mochten, de gasten weer konden zien en het personeel kon werken", vertelt de KHN-directeur. "Dat leidde hier en daar zelfs tot emotionele taferelen." Volgens Beljaarts kwam in de dagen daarna bij veel ondernemers een omslagpunt, omdat het met alle beperkingen niet rendabel zou zijn om het terras open te hebben.

"Zeker met het weer van de afgelopen dagen. Dan ben je open en sta je klaar en dan heb je tien gasten." KHN kan niet zeggen of daardoor de verliezen wellicht juist oplopen. "Het is voor de meesten in ieder geval niet rendabel. Je doet het nu niet om winst te maken."

De horeca bestaat niet uitsluitend uit terrassen

Volgens KHN is het deels openstellen van de terrassen vooral symboolpolitiek. "Toen de horeca dicht moest, was dat heel zichtbaar. Nu de terrassen deels open zijn, is dat ook heel zichtbaar. Maar dè horeca is niet dè terrassen. Denk aan de cateraars die al heel lang niks kunnen, de nachtclubs en restaurants zonder terras en met focus op het diner."

Beljaarts benadrukt dat de horeca zeker geen winst wil maken ten koste van de volksgezondheid. "Dat nooit, maar er kan wel meer." KHN pleitte al langer voor een maximum aantal bezoekers per vierkante meter. "Daar vonden we geen gehoor in en toen mochten de grootwinkelbedrijven dat ineens wel." Bij winkels gaat het om één bezoeker per 25 vierkante meter.

"Wij willen naar maximaal vijf per 10 vierkante meter. Omdat er voor een deel ook buitenruimte is en personen vaak tot hetzelfde huishouden behoren." Verder bepleit KHN ruimere openingstijden van de terrassen, dat zal in omzet schelen als het weer ook weer eens meezit.