De productie in Nederlandse bedrijven is in april naar een nieuwe recordhoogte gestegen. De Nevi Inkoopmanagersindex steeg naar 67,2, de hoogste stand ooit voor de index. Daarmee sneuvelt het oude record al na een maand.

De groei van de productie werd gestuwd door grote stijgingen van het aantal orders uit binnen- en buitenland, meldt de Nederlandse Vereniging voor Inkoopmanagement maandag. De werkgelegenheid in de nijverheidssector liet de snelste groei zien in drie jaar. Daarnaast nam de hoeveelheid onvoltooid of nog niet uitgevoerd werk voor de vijfde maand op rij toe, zij het dit keer minder dan vorige maand.

Albert Jan Swart, sectoreconoom industrie bij ABN AMRO, constateert dat de productiegroei nu breder gedragen wordt dan in de voorgaande maanden. Toen was er vooral veel vraag naar halffabricaten en investeringsgoederen. Maar in april stegen ook de nieuwe exportorders voor consumentengoederen sterk, vermoedelijk doordat de vaccinatie tegen COVID-19 in veel landen op stoom komt.

De NEVI Inkoopmanagersindex brengt niet alleen goed nieuws. Waar de samenstellers vorige maand al meldden dat de kosten voor bedrijven toenemen en er aanleveringsproblemen ontstaan, is die situatie nu nog zorgelijker geworden. Nederlandse producenten kampten voor de negende achtereenvolgende maand met hogere inkoopprijzen, deels door materiaalschaarste en toeleveringsproblemen.

In de toeleveringsketen laten de naweeën van de stremming in het Suezkanaal zich nog voelen. Bovendien ontstaan aan steeds meer goederen tekorten, vooral aan chips. Dat belemmert de productie van onder meer veel autoproducenten. Consumenten moeten al maanden wachten op de nieuwste PlayStation, zo meldt het maandbericht. Ook de productie van bijvoorbeeld broodroosters en wasmachines heeft last van het tekort aan chips.