Ruim 94.000 werkenden gingen afgelopen jaar met pensioen. Dat is 30 procent meer dan in de twee jaren daarvoor. Daarnaast is de gemiddelde leeftijd waarop mensen stopten met werken, gestegen naar 65 jaar en 6 maanden. Dat blijkt dinsdag uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

Dat er meer werkenden met pensioen gingen, komt onder meer doordat de leeftijd waarop mensen recht hebben op een AOW-uitkering, niet is verhoogd in 2020. Dit in tegenstelling tot de jaren daarvoor, waarin de AOW-gerechtigde leeftijd telkens met enkele maanden is opgeschroefd. Vorig jaar kregen werkenden voor het eerst een AOW-uitkering op het moment dat ze 66 jaar en 4 maanden oud waren.

Of de coronacrisis ook een rol heeft gespeeld bij de stijging van het aantal pensioengangers is niet duidelijk. Het CBS beschikt niet over voldoende gegevens om daar iets over te kunnen zeggen.

Vooral mensen met pensioen in de zorg en bij overheid

In alle bedrijfstakken gingen meer werknemers met pensioen dan een jaar eerder, behalve in de financiële dienstverlening. In de zorg, bij overheidsdiensten, in het onderwijs en in de industrie waren de aantallen het grootst. Dat komt vooral doordat daar ook de meeste 55-plussers werken.

Het niet verhogen van de AOW-gerechtigde leeftijd zorgde er ook voor dat de gemiddelde leeftijd waarop mensen met pensioen zijn gegaan, vorig jaar is gestegen. Door de maatregel gingen vorig jaar anderhalf keer zoveel 66-plussers met pensioen als het jaar ervoor, wat de gemiddelde leeftijd opdreef.

Al sinds 2006 neemt de leeftijd waarop mensen met pensioen gaan structureel toe. In dat jaar lag dat gemiddelde nog op 61 jaar.

Meer werknemers met pensioen gegaan in 2020

Bron: CBS© Localfocus