De gedwongen sluiting van zonnestudio's is voorlopig nog niet voorbij. De studio's spanden vanwege de gedwongen sluiting een rechtszaak aan tegen de Nederlandse Staat, maar trokken woensdag aan het kortste eind. De rechter vindt dat het kabinet wel degelijk mag besluiten de studio's nog dicht te houden om de verspreiding van COVID-19 in te dammen.

De studio's zijn sinds medio december dicht, maar vinden dat niet terecht. Ze zeggen dat ze goed in staat zijn om coronaregels na te leven, doordat ze bijvoorbeeld op afspraak werken en doordat elke zonnebank in een aparte ruimte staat. Ook waren de bedrijven er verbaasd over dat bijvoorbeeld schoonheidssalons en kapperszaken wel open mochten, maar de studio's niet, omdat ze zijn aangemerkt als 'publieke plaats'.

De SVZ besloot daarom begin maart om naar de rechtbank in Den Haag te stappen. Die oordeelde donderdag echter dat de sluiting van de studio's in stand moet blijven. Volgens de rechter heeft het kabinet "een grote mate van (beleids)vrijheid bij het nemen van maatregelen ter bestrijding van de pandemie".

De Staat mag daarom kiezen om bijvoorbeeld kappers wel te openen en zonnestudio's niet. "Dat in zonnestudio's (relatief) veilig kan worden gewerkt, betekent niet dat daarom tot openstelling moet worden overgegaan", aldus de rechter in een toelichting. "Een openstelling van de zonnebranche leidt hoe dan ook tot meer contactmomenten en meer reisbewegingen en daarmee tot het risico op meer besmettingen en een verdere verspreiding van het virus."