De Britse economie is in het laatste kwartaal van 2020, de laatste drie maanden voor de Brexit, met 1,3 procent gegroeid. Dat is meer dan de eerste raming van 1 procent, zo is woensdag bekendgemaakt door het Office for National Statistics (ONS).

De economie kromp in het coronajaar 2020 ongekend hard. Over heel het jaar leverde de Britse economie 9,8 procent in ten opzichte van 2019, toen er nog geen coronavirus rondwaarde. In de eerste raming over het jaar was het ONS uitgegaan van een krimp van 9,9 procent.

Uit cijfers van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) presteerde de Britse economie na die van Argentinië en Spanje het slechtst ter wereld, gekeken naar de afname van het bruto binnenlands product (bbp).

De Britten gaven net als Nederlanders minder geld uit tijdens de coronacrisis. Het deel van het inkomen dat gespaard werd, kwam uit op een recordpercentage van 16,3 procent. Een jaar eerder was dat nog 6,8 procent.

De Britse overheid hoopt dat de pond weer wat meer wordt uitgegeven nu de coronamaatregelen langzaamaan versoepeld worden.