Steeds meer autofabrikanten moeten noodgedwongen hun productie terugschroeven wegens een tekort aan chips. Stellantis, het nieuwbakken fusiebedrijf van Fiat Chrysler en Peugeot, legt vijf fabrieken in Noord-Amerika stil. NIO, de Chinese maker van elektrische auto's, maakte bekend de productie in een fabriek in Hefei voor vijf werkdagen te staken.

Eerder deze week maakte Volvo bekend dat de wereldwijde schaarste aan halfgeleiders de productie van vrachtwagens van het Zweedse concern zal raken. Het bedrijf is van plan in het tweede kwartaal telkens een deel van zijn productieketen een dag stil te leggen, wat kan oplopen tot een totaal van twee tot vier weken.

Ook Nissan zag zich gedwongen fabrieken in de Verenigde Staten en Mexico weer voor enkele dagen te sluiten. General Motors verlengde een eerder afgekondigde productiestop.

Moderne auto's bevatten talloze chips, die functies ondersteunen die uiteenlopen van remsensoren en parkeercamera's tot slimme navigatie- en audiopanelen. De coronapandemie legt extra druk op de chipsector. Nu veel mensen noodgedwongen thuiszitten, is de vraag naar elektronica als pc's, smartphones, televisies en spelcomputers erg hard gestegen.

Daarnaast vereist de overgang naar thuiswerken snellere internetverbindingen en extra servers, en daarvoor zijn ook geavanceerde chips nodig. Onlangs verergerde een brand in een fabriek van de Japanse chipmaker Renesas, die veel aan de auto-industrie levert, de schaarste.

Autofabrikanten waarschuwden bij hun kwartaalcijfers al voor financiële gevolgen van de productievertragingen. Consultancybureau AlixPartners berekende eind januari dat het gebrek aan halfgeleiders autofabrikanten dit jaar 61 miljard euro aan omzet kan kosten. De recente tegenvallers dreigen de financiële zorgen alleen maar te vergroten.