Het voorstel voor een verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering dat door werkgeversorganisaties, vakbonden en zelfstandigen is gedaan, stuit op grote problemen in de uitvoering. Daardoor duurt de invoering van zo'n verzekering waarschijnlijk "jaren", waarschuwt demissionair minister Wouter Koolmees (Sociale Zaken).

Vorig jaar presenteerden de organisaties in de Stichting van de Arbeid een voorstel tot een verzekeringsstelsel. Daarmee moeten zelfstandigen zonder personeel (zzp'ers) uiteindelijk verplicht worden zich te verzekeren voor het geval ze niet meer kunnen werken, zodat ze zich zeker stellen van een inkomen als ze arbeidsongeschikt raken.

Hier moeten ze maandelijks een premie voor betalen. Deze verplichting is afgesproken in het pensioenakkoord, omdat de linkse partijen en de vakbonden het een belangrijkste stap vinden om het verschil tussen zelfstandigen en werknemers in dienst te verkleinen.

Belangrijk aspect van het voorstel was dat zelfstandigen veel 'keuzevrijheid' kregen, waardoor de hoogte van de premie flink kan verschillen. Ook is er een opt-out voor zelfstandigen met een afdoende private verzekering. Het kabinet vindt deze onderdelen belangrijk, omdat zelfstandigen flink van elkaar verschillen. Nadat Koolmees het voorstel aan de beoogde uitvoerders, het UWV en de Belastingdienst, had voorgelegd, bleek echter dat juist dat aspect uitvoeringsproblemen met zich meebrengt.

Daardoor kijkt de bewindsman nu naar alternatieve manieren om de verplichte verzekering te regelen, hoewel hij wel zoekt naar een mogelijkheid die "recht doet aan het advies van de Stichting". Er wordt gekeken of de regeling misschien bij een andere wet kan aansluiten. Hoewel de invoering van de arbeidsongeschiktheidsverzekering officieel aan een nieuw kabinet is, blijft Koolmees in gesprek met de uitvoerders en de belangenorganisaties om tot een nieuw plan te komen.

Het zal in ieder geval "jaren" duren voordat een verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering voor zelfstandigen "van rekentafel naar praktijk" is omgezet.