Het verschil in uurloon tussen Nederlandse mannen en vrouwen is nog altijd vrij hoog. Met een gemiddeld verschil van 14,6 procent scoort ons land slechter dan het gemiddelde in de EU. Dat blijkt uit gegevens die Eurostat maandag op Internationale Vrouwendag heeft gepubliceerd.

Het Europese statistiekbureau meet de loonkloof tussen mannen en vrouwen door te kijken naar bruto uurlonen in 2019 bij bedrijven die tien of meer werknemers hebben. Het gaat hierbij om alle lonen van mannen en vrouwen en dus niet om verschillen tussen mannen en vrouwen die hetzelfde werk doen. Het bureau kijkt naar dertig landen: de 27 EU-lidstaten plus IJsland, Zwitserland en Noorwegen. Het Verenigd Koninkrijk zit er niet bij.

Uit de gegevens komt naar voren dat het loonverschil in de EU gemiddeld 14,1 procent is. Nederland doet het dus slechter dan het gemiddelde, met een verschil van 14,6 procent. Van de 29 andere landen die zijn onderzocht, zijn er slechts tien die het slechter deden, waaronder Duitsland en Frankrijk.

Loonkloof in EU-landen in procenten

De top drie van landen met het grootste verschil bestaat uit Estland (21,7 procent), Letland (21,2 procent) en Oostenrijk (19,9 procent). Het verschil is het kleinst in Luxemburg (1,3 procent), Roemenië (3,3 procent) en Italië (4,7 procent). Ook België doet het relatief goed met een verschil van 5,8 procent.

De EU maakt zich hard voor het terugdringen van de loonkloof. De Europese Commissie kwam daarom vorige week met verschillende voorstellen. Zo moeten bedrijven meer openheid geven over verschillen in beloningen tussen mannen en vrouwen. Ook moeten vrouwen compensatie kunnen krijgen als ze onterecht te weinig betaald krijgen en moeten werkgevers die zich niet aan de regels houden kunnen worden beboet.