Nederland haalde vorig jaar vooral onveilig speelgoed en babyartikelen uit de handel. De meest voorkomende klacht was kans op verstikking, blijkt uit het Safety Gate-rapport van de Europese Commissie. Ook had 9 procent van alle klachten in de EU te maken met het coronavirus.

In totaal werden er vorig jaar 5.377 producten uit de handel gehaald omdat ze gevaarlijk zouden zijn voor de gezondheid. 9 procent daarvan was gerelateerd aan de uitbraak van COVID-19. Het ging dan over mondkapjes, handgels die giftige materialen bevatten en uv-lampen.

Bevoegd Eurocommissaris Didier Reynders is tevreden dat het systeem "ook zijn nut heeft bewezen in crisistijden". "Het heeft geholpen om consumenten te beschermen tegen gevaarlijke producten door ze uit de markt te halen", zegt hij. "Met beschermingsmechanismes als deze zijn de consumentenrechten verzekerd."

In alle Europese landen samen kwamen de meeste klachten binnen over speelgoed (27 procent), gevolgd door motorvoertuigen (21 procent) en elektrische apparaten (10 procent). In Nederland werd er een soortgelijke trend opgetekend. 72 procent van de klachten ging over speelgoed, 15 procent over babyartikelen en 6 procent over elektrische apparaten.

De meest gehoorde klachten waren kans op verstikking door inslikken (31 procent) of op een andere manier (ook 31 procent). Op de derde plaats kwam onopzettelijke wurging (8 procent).

Safety Gate is sinds 2003 in werking en wisselt informatie uit tussen de Europese lidstaten, het VK en de Europese Commissie over de veiligheid van producten zodat onveilige artikelen uit de rekken kunnen worden gehaald.