Het gerechtshof in Den Haag heeft dinsdag geoordeeld dat de overheid niet onrechtmatig heeft gehandeld in de zogeheten fipronilaffaire van 2017 en daarom ook niet aansprakelijk is voor de financiële schade van kippenboeren. Daarmee zijn de eisen van meer dan honderd pluimveehouders en brancheorganisatie LTO afgewezen.

Veel eieren van Nederlandse kippen bleken destijds een kleine hoeveelheid van de chemische stof fipronil te bevatten. Toen dat uitkwam, belandde de sector in een diepe crisis. Ongeveer 250 bedrijven werden door de overheid geblokkeerd, waarbij miljoenen eieren werden vernietigd. Daarnaast zijn tienduizenden kippen geruimd.

De fipronil bleek in een middel te zitten dat twee ondernemers uit Barneveld op grote schaal in stallen hadden gespoten om bloedluis te bestrijden. Fipronil is in hoge concentraties schadelijk voor de gezondheid. Daarom mag het boven bepaalde concentraties niet in eieren zitten, de zogeheten MRL-norm.

"Omdat overschrijding van de MRL-norm op zichzelf niet betekent dat er een acuut gevaar was voor de volksgezondheid mocht de NVWA daarvoor kiezen en hoefde zij niet meteen het bedrijf van Chickfriend stil te leggen", zo schrijft de rechtbank.

De eisers in de zaak menen dat de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) en daarmee de staat veel eerder had moeten ingrijpen en de sector had moeten waarschuwen. In navolging van de rechtbank is het hof dat niet met hen eens.

"De NVWA is er niet om de economische belangen van pluimveehouders te dienen. De pluimveehouders zijn zelf primair verantwoordelijk voor de kwaliteit van de door hen geproduceerde eieren", aldus het gerechtshof.