337.000 Nederlanders waren in januari werkloos. Dat is 3,6 procent van de beroepsbevolking, blijkt donderdag uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Sinds oktober daalde het aantal werklozen gemiddeld met 23.000 per maand, de sterkste daling sinds het begin van de metingen per maand in 2003.

De werkloosheid daalde vooral zo sterk doordat in de afgelopen maanden meer jongeren aan het werk konden gaan. Er zijn echter nog altijd 64.000 werklozen meer dan aan het begin van de coronacrisis.

Sinds oktober kwamen er maandelijks gemiddeld negentienduizend werkenden bij. In januari werkten negen miljoen Nederlanders.

De werkloosheidscijfers geven een ietwat dubbel beeld. Deels als gevolg van de coronacrisis raakten een hoop mensen werkloos, maar het aantal werklozen dat een baan vond was groter. Daarnaast bereikten ook relatief veel werklozen hun pensioenleeftijd of waren ze om andere redenen niet meer beschikbaar voor werk, waardoor ze niet meer tot de werkloze groep gerekend worden. Alleen onder de 25-plussers nam het aantal werkenden toe.

Het UWV verstrekte iets meer werkloosheidsuitkeringen dan in de voorbije jaren. In januari ging het om 298.000 uitkeringen, 1 procent meer dan in december 2020 en iets meer dan in de voorgaande januarimaanden. Er kwamen in de afgelopen maand 40.000 nieuwe uitkeringen bij.