Vakbonden zijn akkoord gegaan met het bod van NS voor een nieuwe cao voor de zeventienduizend medewerkers van het vervoersbedrijf, meldt NS woensdag. Het personeel krijgt loonsverhogingen van gezamenlijk 4 procent en gedwongen ontslagen zijn uitgesloten tot begin 2025.

De vakbonden en het vervoersbedrijf zijn lange tijd met elkaar in overleg geweest over nieuwe arbeidsvoorwaarden. Ze konden het geruime tijd niet eens worden over onder meer loonsverhogingen. Ook speelde mee dat NS medio vorig jaar liet weten dat het ruim tweeduizend banen wilde schrappen. Dit vanwege de gevolgen van de coronacrisis.

De afgelopen weken hebben de betrokken bonden, FNV, CNV, VVMC en VHS, het voorstel van NS voorgelegd aan hun leden. Een meerderheid ging akkoord met de plannen, waardoor de cao definitief is. De overeenkomst geldt met terugwerkende kracht vanaf 1 april 2020 en loopt tot 1 juli 2022.

De medewerkers krijgen er, eveneens met terugwerkende kracht, 1,2 procent loon bij vanaf april 2020. In april van dit jaar komt daar een verhoging bovenop van 1,6 procent. Op 1 januari 2022 volgt een derde verhoging van 1,2 procent. Daarnaast krijgen de medewerkers een eenmalige uitkering van maximaal 200 euro.

Ook is vastgelegd dat NS niemand gedwongen ontslaat vóór 1 januari 2025. Tevens is er een nieuwe regeling om vroegtijdig met pensioen te gaan.

Vakbond FNV meldt dat een ruime meerderheid van de NS-werknemers die lid zijn van de bond, akkoord zijn gegaan met het voorstel, zij het schoorvoetend. De leden vinden de loonsverhoging te mager en hadden tevens een betere pensioenregeling gewild.

Ook een meerderheid van de leden van de vakbond voor rijdend personeel VVMC ging akkoord met het bod van NS. Wel liet een aantal leden weten dat het op sommige punten "beter had gemoeten".