In januari zijn slechts zeven cao's afgesloten, meldt werkgeversvereniging AWVN woensdag. Dat aantal is veel kleiner dan in eerdere jaren en in december 2020. In de laatste maand van vorig jaar werden nog 25 akkoorden bereikt. Vanwege de coronacrisis zijn bedrijven terughoudender met concessies.

De belangrijkste oorzaak van de stilstand in de cao-onderhandelingen zou zijn dat vakbonden en werkgevers door de coronacrisis niet op één lijn komen. Vakbonden zien ruimte voor hogere salarissen, vooral in sectoren of bedrijfstakken die van de coronacrisis profiteren, maar bedrijven willen vanwege de onzekere economische omstandigheden niet te veel risico's nemen.

Werkgevers willen graag een systeem waarin aan bepaalde voorwaarden voldaan moet zijn om de lonen te kunnen verhogen. Daarmee zijn de bedrijven volgens hen beter bestand tegen economische tegenwind. Vakbonden pleiten daarentegen voor structurele loonsverhogingen. Op dit moment zijn er vooral vakbondsacties in de supermarktsector en bij metaalbedrijven.

De gemiddelde loonafspraak bedroeg in januari 2,3 procent. De AWVN laat weten dat er niet veel waarde aan dit getal moet worden gehecht, omdat er maar zo'n klein aantal cao's is afgesloten. Er staan momenteel driehonderd cao's open die voor twee miljoen werknemers gelden. 139 daarvan liepen af in januari, de rest is van vorig jaar.