De Russische nikkelproducent Nornickel heeft in 2020 zijn nettowinst met 39 procent zien dalen tot 3,6 miljard dollar (2,96 miljard euro). Het bedrijf noemt de boete van 2 miljard dollar voor de milieuramp van vorig jaar mei, toen zo'n 21.000 ton dieselolie in een Siberische rivier terechtkwam, als achterliggende oorzaak.

Topman Vladimir Potanin noemt in een toelichting op de jaarcijfers ook de invloed van de coronacrisis op de prestaties van het bedrijf. Zo was er minder vraag naar nikkel en koper. Door de hogere prijs die voor edelmetalen palladium en rodium betaald moest worden, steeg de omzet van Nornickel met 15 procent tot ruim 15,5 miljard euro.

Het bedrijf zegt daarnaast lering te hebben getrokken uit de milieuramp van vorig jaar. Het lek ontstond in mei nadat de steunpilaren van een olietank waren verzakt. Hierdoor viel de druk weg in de tank, die vervolgens zwaar beschadigd raakte. Het vermoeden is dat klimaatverandering de achterliggende oorzaak is.

De tank was gebouwd op permafrost (altijd bevroren grond), die mogelijk te zacht was geworden door de opwarming van de aarde. De dieselolie kwam in de rivier Ambarnaja en in de bodem rond de Siberische stad Norilsk terecht.

De opruimwerkzaamheden werden eind 2020 voltooid, waarna herstelwerkzaamheden in gang zijn gezet. Nornickel zegt dat zijn benadering op de schop is gegaan en dat het bedrijf zich specifieke doelen heeft gesteld op het gebied van waterbeheer, biodiversiteit en klimaatverandering.