EU-lidstaten die ook deel uitmaken van de eurozone mogen in bepaalde gevallen zelf beslissen of overheidsdiensten contant kunnen worden betaald. Dat volgt dinsdag uit een uitspraak van het Europese Hof van Justitie, dat een definitieve uitspraak over een zaak met betrekking tot contant betalen aan de lokale rechter laat.

In principe moet elk euroland altijd en overal contante betalingen toestaan. Maar toen Duitse burgers een bepaalde overheidsdienst cash wilden betalen, kregen zij te horen dat dit niet kon.

De zaak werd voorgelegd aan het Europese Hof, dat nu zegt dat in voorkomende gevallen toch een lokale rechter zich erover moet uitspreken. In deze kwestie ging het om de betaling van een omroepbijdrage.

"Wanneer de overheid een goede reden heeft om cash niet toe te staan, is het aan de Duitse rechter of de overheid al dan niet gelijk heeft", verduidelijkt een woordvoerder van het Hof. Zo zou het bijvoorbeeld praktisch onuitvoerbaar kunnen zijn om iedereen contant te laten betalen. "Wanneer het om te veel mensen gaat, lijkt het ondoenbaar."

De lokale rechter moet nu bepalen of dat ook echt zo is en bovendien vaststellen of het voor de betreffende consumenten bijvoorbeeld heel lastig is om op een andere manier te betalen. "Waardoor misschien toch nog een uitzondering op de uitzondering kan worden gemaakt."

De euro blijft hoe dan ook het wettige betaalmiddel in de landen van de eurozone, maar concrete manieren van betalen kunnen dus ook nationaal geregeld worden. Deze zaak draaide nadrukkelijk om de betaling van een overheidsdienst en dus niet om de betaling van bijvoorbeeld een winkel.