Het aantal bijstandsontvangers is in de eerste helft van vorig jaar, opgelopen tot 28 op de 1.000 inwoners. Dat blijkt donderdag uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

Met 28 bijstandsontvangers per 1.000 inwoners is de zogeheten bijstandsdichtheid iets toegenomen ten opzichte van een jaar eerder. Ook is het fors hoger dan in 2009, ten tijde van de kredietcrisis, toen 22 op de 1.000 inwoners bijstand ontving. Sindsdien nam het aantal gestaag toe, tot 30 per 1.000 Nederlanders in 2017.

De licht gestegen bijstandsdichtheid in 2020 komt geheel op het conto van mannen. Bij die groep liep de bijstandsdichtheid op van 23,6 in 2019 naar 24,4, terwijl er bij vrouwen een daling was van 31,6 naar 31,5 in 2020.

Op het peilmoment eind juni 2020 waren er in acht Nederlandse gemeenten ten miste vijftig bijstandsontvangers per duizend inwoners.

Naast de grote steden Amsterdam, Rotterdam en Den Haag waren dat Arnhem, Enschede, Groningen, Heerlen en Leeuwarden. De bijstandsdichtheid was met 68 bijstandsontvangers per 1.000 inwoners in Rotterdam het hoogst.