Bijna zes op de tien Nederlandse boerderijen waarvan de boer 55 jaar of ouder is, hebben geen opvolger in de startblokken staan om het bedrijf over te nemen. Het gaat daarbij vooral om kleine boerderijen, meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) woensdag.

"Hoe groter het bedrijf, hoe groter de kans dat er wel een bedrijfsopvolger is", aldus het CBS, dat keek naar de stand van zaken in het afgelopen jaar. In 2020 telde Nederland volgens voorlopige cijfers ruim 52.000 landbouwbedrijven, waarvan zo'n 90 procent familiebedrijven.

Bijna de helft van het totaal (27.000) had een zogeheten bedrijfshoofd van 55 jaar of ouder. Wanneer kleine boerderijen wel voortgezet worden, is dat volgens een woordvoerder van het CBS vaak met extra inkomstenbronnen naast de landbouw. "Zoals een bed and breakfast of als zorgboerderij."

Maar het merendeel van de kleine boerderijen wordt niet overgenomen en het boerenbedrijf wordt dan beëindigd. "Het platteland is heel nadrukkelijk aan het 'ontboeren'", zegt de CBS-woordvoerder. "Er wonen inmiddels meer burgers dan boeren."

Kleine boerderijen worden in iets minder dan een derde van de gevallen wel voortgezet, in het geval van de zeer kleine boerderijen gaat het om nog geen vijfde. "Deze bedrijven bezitten 3 procent van het totale landbouwareaal en zijn verantwoordelijk voor minder dan 1 procent van de totale landbouwproductie."