Schotse vissers worden geadviseerd minder vis te vangen, omdat nieuwe 'Brexit-bureaucratie' voor veel vertraging zorgt bij de export naar de Europese Unie. Het duurt nu zo lang totdat de vrachtwagens met vis de grens over mogen, dat het niet zeker is dat alle vis op tijd op de markt komt. Ladingen vis zouden daardoor kunnen bederven.

"We adviseren de sector het nu rustiger aan te doen", zegt de Scottish Seafood Association, die de Schotse vissector vertegenwoordigt. "We zijn slecht voorbereid. De regering heeft niet geluisterd naar de waarschuwingen die de industrie voortdurend geeft."

De op de valreep geregelde handelsdeal tussen het Verenigd Koninkrijk en de EU zorgt ervoor dat Britse vissers in de aankomende vijf jaar een kwart meer vis mogen vangen in Britse wateren. Tegelijkertijd hebben de vissers te maken met een moeilijkere toegang tot de Europese markt en moeten ze bepaalde strengere regels naleven.

De Britse visserijsector wordt hard geraakt door de nieuwe bureaucratie. Om vis aan de EU te mogen verkopen, moeten vissers bepaalde vangstcertificaten en gezondheidsdocumenten tonen die goedgekeurd moeten zijn door een dierenarts. Van die dierenartsen zijn er echter te weinig, wat tot vertraging bij de grens leidt.

Ook de Britse vissersfederatie NFFO ziet problemen met ladingen die van het Verenigd Koninkrijk naar onder andere Nederland en de havens van de Franse steden Calais en Boulogne geëxporteerd worden. Zo liep de export van een lading vis meer dan 48 uur vertraging op, waardoor alles bedierf. Volgens de NFFO hebben kopers geen vertrouwen in het exportproces en zullen zij niet het risico nemen om Britse vis te kopen.