Het afgelopen jaar zijn mede vanwege de coronacrisis een recordaantal van 2.400 campers verkocht. Dat vertaalt zich naar topdrukte voor stallingen. Bedrijven melden een flinke vraag naar stalling, ook in het huidige laagseizoen.

"We zien al maanden een enorme vraag naar stalling", zegt Taco Smit van Buikema Stalling en Onderhoud in Kampen. "Normaal gesproken daalt het aantal aanvragen rond september, maar tot nu toe krijgen we nog elke dag vier à vijf aanvragen. Dat is absurd voor de tijd van het jaar." De wachtlijst bij Buikema, waar drieduizend campers, caravans of boten gestald kunnen worden, is daardoor flink langer geworden.

Buikema is net als negen andere stallingen verspreid over Zuid-Holland, Noord-Holland en Overijssel aangesloten bij het samenwerkingsverband Topstallingen. Volgens Smit is het beeld bij de andere bedrijven niet anders. Ook zij hebben met een enorme toename van het aantal aanvragen en telefoontjes te maken. De tien stallingen zijn samen goed voor ongeveer vijftienduizend campers en/of caravans.

Het aantal kampeerauto's in Nederland is de afgelopen vijf jaar met zo'n 50 procent toegenomen tot 140.000 stuks.

'Veel kleine stallingen zijn gestopt'

Bij Stalling31, een verzamelsite voor stallingslocaties in Nederland, hebben ze eveneens een groter aantal aanvragen voor plekken binnengekregen, waardoor 22 van de 39 aangesloten locaties verspreid over Nederland inmiddels vol zitten.

"Dat er nu meer stallingen bezet zijn, komt puur doordat er meer campers aangeschaft zijn", zo vertelt een medewerker. Volgens hem staan niet genoeg mensen stil bij het gegeven dat stallingsruimte na aanschaf van een camper niet vanzelfsprekend is.

Toch is het volgens Smit niet alleen dringen geblazen vanwege de coronacrisis. Wet-en regelgeving maken het voor particulieren minder aantrekkelijk om stallingsruimte aan te bieden, omdat niet altijd duidelijk is of er bij de inkomsten sprake is van winst uit onderneming of van een resultaat uit overige werkzaamheden. Hierdoor zijn veel kleine stallingen gestopt.