Het aantal check-ins in het openbaar vervoer is vorig jaar gehalveerd in vergelijking met het jaar ervoor. Dat meldt vakblad OVPro op basis van gegevens van statistiekbureau CBS en Translink, dat de transacties in het openbaar vervoer verwerkt.

In totaal is vorig jaar 660 miljoen keer ingecheckt in het openbaar vervoer. Een jaar eerder was dat nog 1,3 miljard keer. Meer dan 40 procent van de check-ins vond plaats in de eerste elf weken van het jaar, toen van een pandemie nog geen sprake was. Als deze periode buiten beschouwing wordt gelaten, is het gebruik van het ov zelfs gemiddeld 60 procent lager.

Het jaar begon nog goed, met een kleine stijging van enkele procenten in januari en februari. Maar daarna ging het snel bergafwaarts. Vooral in april was het leeg in trein en bus. Het was de eerste volledige maand van de coronacrisis en daarin waren strenge contactbeperkende maatregelen van kracht.

Uit de gegevens van Translink blijkt dat in die maand in totaal nog geen 16 miljoen keer is ingecheckt. Dat is minder dan het weekgemiddelde van een normale aprilmaand (26 miljoen). Het aantal check-ins was daardoor in april 85 procent lager dan in dezelfde maand van 2019.

Daarna krabbelde het gebruik van het openbaar vervoer weer langzaam op, met als beste maand augustus, toen er 'slechts' 44 procent minder reizigers waren. In het najaar nam het aantal check-ins snel weer af naar -60 procent in december.