65-plussers rekenen sinds de uitbraak van COVID-19 steeds vaker contactloos af. In februari betaalden ouderen bij 27 procent van de transacties contactloos, maar in oktober was dat aandeel al meer dan verdubbeld (58 procent), blijkt dinsdag uit onderzoek van De Nederlandsche Bank (DNB), Betaalvereniging Nederland en de Europese Centrale Bank (ECB), dat donderdag is gepubliceerd.

Het gebruik van contant geld is onder ouderen flink afgenomen. Voor de pandemie betaalden 65-plussers in de helft van de gevallen met cash, in oktober was dat nog bij een kwart van de betalingen het geval.

Ook in andere leeftijdsgroepen werd contactloos betalen populairder. In oktober werden twee op de drie aankopen (67 procent) bij de kassa contactloos betaald met een bankpas of telefoon. Aan het begin van dit jaar gold dat nog maar voor de helft. In dezelfde periode nam het aandeel contante betalingen af van 30 naar 20 procent.

Overigens kiezen mensen ook steeds minder vaak voor het traditionele pinnen, waarbij je de pas in een gleuf moet steken. Het aandeel nam af van 21 procent aan het begin van het jaar naar 12 procent in oktober.

Uit het onderzoek kwam ook naar voren dat gezinnen met een laag inkomen na de eerste coronagolf juist weer vaker contant afrekenden. De onderzoekers vermoeden dat dit komt doordat de gezinnen een beter overzicht van hun uitgaven hebben als ze vaak cash gebruiken. Het gaat om gezinnen met een gezamenlijk jaarinkomen van maximaal 23.400 euro bruto.